Een verhaal van een 8-jarig meisje tijdens een behandeling
Vandaag kwam ze, samen met haar moeder, weer voor een reflexintegratiebehandeling bij me. Ze is gevat, slim, grappig, invoelend, gevoelig en heeft een groot inschattend en observerend vermogen. Echt een prachtmeid, maar helaas raakt ze het plezier in school steeds meer kwijt. Als ze één ding zou mogen wegstrepen, zou het school zijn! Toen ik haar een aantal maanden geleden leerde kennen, had ik al snel door dat ik gewoon een slimme meid voor me had. Maar waarom lukt het haar op school dan niet? Vandaag kwam het hoge woord eruit.
Resultatenschema
“Naar school gaan is vervelend, omdat ik elke keer dat ik het lokaal binnenkom, geconfronteerd word met een ‘resultatenschema’,” vertelt ze. Haar stem trilt, haar ogen worden nat, de frustratie, het verdriet en de machteloosheid komen eruit. Van elke leerling hangt er namelijk een bord in de klas met een schema waarop stickers kleven, zodat iedereen kan zien hoe ver ze staan met hun werkjes en opdrachten. Wellicht bedoeld als stimulans, om ‘harder werken’ en ‘beter hun best doen’ aan te moedigen. Misschien hoopt men dat dit de leerlingen een positief gevoel geeft, met de verwachting dat de resultaten hierdoor verbeteren.
Maar in het geval van dit meisje (en ze zal niet de enige zijn, vermoed ik) is het elke dag een negatieve confrontatie. Dit komt doordat zij één van de leerlingen is met wat minder stickers. Het maakt haar onzeker en blokkeert haar. En momenteel doet het dus zoveel met haar, dat ze liever niet meer naar school gaat.
Nooit iets leuks doen
Ze vertelt verder: “Tijdens de extra les die ik krijg, is een afspraak gemaakt: als je alles af hebt, mag je iets leuks doen.” “Hoe vaak mag jij iets leuks doen?” vraag ik. “Bijna nooit,” zegt ze. “Ik krijg het bijna nooit af.” Ze klinkt geïrriteerd en hopeloos. Andere kinderen mogen iets leuks doen, maar zij moet door blijven ploeteren op iets wat haar niet lukt. De moed zakt haar steeds verder in de schoenen.
En dat is nog niet alles. Ook de resultaten van toetsen worden hardop voorgelezen in de klas. Ze vindt het vreselijk. Kinderen lachen om de lage scores, zegt ze, en dus ook om die van haar. Mijn hart, en dat van haar moeder, breekt…
Hoe onveilig is deze situatie voor haar?
Ik weet zeker dat er veel leerkrachten zijn die niet op deze manier werken, maar toch wil ik dit kwijt. Als er één leerling geholpen is, als er één thuiszitter mee is voorkomen, dan heeft dit verhaal al zijn doel bereikt.
Want: de vordering van een leerling maak je niet inzichtelijk door het met de rest te vergelijken. Het laat alleen maar zien dat de ander meer stickers heeft en dus ‘beter is’. En dat mag in mijn ogen nooit de boodschap zijn die zo’n resultatenschema uitstraalt. Het is kleinerend, kwetsend, confronterend en daardoor onveilig. Dan lukt leren en je aandacht erbij houden echt niet goed.
Vergelijk nooit
Stem resultaten altijd af op, en met de individuele leerling zelf. Wat laat deze leerling aan groei zien en wat helpt om die groei verder te stimuleren? NOOIT openlijk vergelijken met de andere leerlingen. Als ze dit zelf met elkaar willen delen, is dat prima, maar zet ze nooit met een dergelijke open beoordeling voor het blok.
Denk als juf 2 keer na bij een open resultatenschema
Hoe begrijpelijk is het dat deze mooie meid moeilijk tot leren komt, regelmatig hoofdpijn heeft, boze buien vertoont en na schooltijd weinig energie over heeft? En hoe knap is het dat ze toch, bijna elke dag, de schouders eronder zet en met haar rugzak op naar school gaat?
Nogmaals, misschien was het didactisch goed bedoeld als stimulans, maar je maakt stilletjes meer kapot dan je lief is. Het kan echt op een andere manier… Onderwijs mag geen verliezers kennen!
Margreet Leeflang-Wobbes
Coach en behandelaar van Kien&Kundig, leerlingbegeleider. Zij helpt kinderen en jong-volwassenen van 0-21 jaar, bij problemen in de ontwikkeling en het welbevinden d.m.v. Reflexintegratie en Visuele Screening en Training. Van moeilijkheden met leren, fysieke- en gedragsproblemen tot stress-, depressie- en burnoutklachten.